Leesbevestiging

03-01-2013

Vandaag besloten de hele inhoud van mijn inbox in een nieuwe map te plakken met als naam: IN 2011, en als streven: niet meer naar kijken tenzij in noodgevallen. Dat geeft meteen een berg ruimte en vooral een opgeruimd gevoel.

Op de valreep zaten er weer wat nieuwe 2012-ers bij, en ja hoor, een paar afzenders wensten nu DIRECT te weten of ik hun berichtje had gelezen. Ook in 2012 is-ie er weer: de Leesbevestiging.

De Leesbevestiging brengt mij doorgaans onmiddellijk in een staat van lichte tot ernstige irritatie. Het loopt afhankelijk van mijn stemming soms volkomen uit de klauwen en leidt dan zelfs tot milde aanvallen van mensenhaat. Wat bezielt hen toch? Waarom willen ze weten of ik hun mail in de trant van ‘leuk dat we gaan lunchen, ik kan inderdaad dan en dan’ heb gelezen? Nee, nee en nog eens nee, ik stuur GEEN leesbevestiging. Je hoeft helemaal niet te weten wanneer ik mijn mail lees. Gaat niemand een moer aan. Als het krijg, lees ik het, ga daar maar vanuit. Dat is toch het hele idee van e-mail? Dat je het leest? Er bestaat toch niet zoiets als: verkeerd bezorgd, net als een pizza? Een met tikfout in adres verstuurde e-mail stuitert gewoon terug je inbox met vage kreten over postmasters die niet kunnen deliveren. Dan ga je voor de herkansing of je denkt: laat ook maar, ik bel wel.

Kennelijk moeten sommige mensen dwangmatig weten hoeveel tijd er precies verstrijkt tussen het snel even lezen van mijn mail en daadwerkelijk antwoorden. In mijn geval kan dat wel oplopen tot een dag of zo. Wel lezen. Niet antwoorden. Geen zin. Moet ik zelf weten. Dan hoor je ze dus denken: ze heeft ‘t wel gelezen maar niet gereageerd, waarom niet? Zeker weer te druk of ben ik niet belangrijk genoeg? Het ontbreekt er nog maar aan dat je moet melden wat je dan wél in die tijd hebt gedaan, zoals spontaan tijdverslindend op het web gaan zoeken naar goedkope vakantiebestemmingen omdat je door die mail stiekem toch zenuwachtige neigingen tot plannen krijgt. Antwoord: ‘ik heb je mail wel gezien maar het boeit me nu even niet en op antwoord hoef je voorlopig niet te rekenen. Sterker nog: ik zit virtueel in Zuid-Frankrijk en wie houdt me tegen.’ Dát zou pas een leesbevestiging zijn.

Ik vraag me nu ook ineens af of ik voortaan een leesbevestiging op mijn leesbevestiging moet vragen. En of dan, als je het hele systeem op automatisch zet, binnen vijf minuten het hele internet explodeert door razendsnel oneindig heen en weer gaande nutteloze berichtjes. Een soort een perpetuum mobile, beter gezegd perpetuum mailbile? Misschien zorgt zo’n mailtjesversneller wel voor het einde van de wereld op 12-12-12, wat de Maya’s met grote stelligheid beweren.

Maar goed, laat het duidelijk zijn dat ik volstrekt weiger mee te werken aan het verschijnsel leesbevestiging. Ik heb wel - zonder iets van psychologie te hebben gestudeerd -  al tandenknarsend en nagelbijtend enkele theorieën ontwikkeld over leesbevestiging-eisers. Opvallend is dat ik soms intens teleurgesteld kan zijn door mijn eigen inschattingsfouten. Leer je nieuwe, wilde, frisse, losbollige mensen kennen, blijken het toch types te zijn die per mail jouw leven willen controleren. In mijn oude vriendenkring – waar we ooit géén e-mail hadden – zijn er enkelen waarvan ik van te voren had kunnen denken: ja. Dit zijn de leesbevestigingtypes.  Alles op orde. De sokken in setjes, de fitness gepland, de vakantie naar Zuid-Frankrijk in januari geboekt en de vitamines geteld. Kortom, het soort dingen dat ik niet voor elkaar krijg en nooit zal krijgen.

Frustratie is volgens mij ook een factor. Leesbevestigers avant-la-e-mail zijn de mensen die na de Kerst opschrijven van wie ze daadwerkelijk een kaartje hebben gekregen, en daar ook een eigen Tolerantiebeleid voor hebben ontwikkeld. Ze vinken de ontvangen post af, op hun eigen verzendlijst. “Nou Piet en Annie hebben ons nu al drie jaar géén kaart gestuurd en wij hen wel. Dat kan echt niet langer zo. Hup de lijst af.” Zélf vergeten is per saldo onmogelijk want al in december werd na ontvangst van een niet voorziene kaart (wat spontáán!) meteen een (iets minder mooie) retourkaart geschreven en met gereedliggende noodpostzegels in de tegen vuurwerk dichtgeplakte brievenbus gewrikt. Aan ons kan het niet liggen!

Ik geef toe, kerstkaarten weggooien vind ik altijd een beetje naar. Ik zou willen laten weten: mensen, bedankt, ik heb ze gelezen. Ze zijn meestal met aandacht geschreven (hoewel een vriend van ons altijd al in oktober op 100 willekeurige kerstkaarten ‘en Kees’ schrijft) en die gedachte moet je koesteren. Hopelijk komt er nooit een kerstkaart met leesbevestiging. Of misschien toch bewaren tot de volgende kerst en retour afzender, met een stempel: GELEZEN 2011. Scheelt weer in de kosten.